Fuseren

Voorgenomen fusies kunnen door de minister van OCW worden getoetst.

Fusiecompensatie

De regeling compenseert scholen bij een fusie met bijzondere bekostiging. Schoolbesturen en scholen kunnen hiermee de gevolgen van leerlingendaling opvangen. De Regeling fusiecompensatie is om 2 redenen herzien:

  • zorgen dat fuserende scholen ook de komende jaren een goede compensatie krijgen;
  • voorwaarden in de regeling duidelijker maken.

De mogelijke tegemoetkoming is tijdelijk verruimd, tot 1 augustus 2025. De fusieschool ontvangt gedurende 6 schooljaren een aanvullende tegemoetkoming. De nieuwe regeling geldt voor fusies die op of na 1 augustus 2017 plaatsvinden.

Meer informatie

Raadpleeg voor specifieke details de Staatscourant van 2 juni 2017 voor de 'Regeling bijzondere bekostiging bij fusie en opheffing van scholen in het primair onderwijs en beleidsregel interpretatie samenvoeging in WPO en WEC.’

Belangrijkste veranderingen

Er is duidelijk vastgelegd in welke gevallen en bij welke percentages leerlingen, die overgaan naar de fusieschool, aanspraak kan worden gemaakt op bijzondere bekostiging:

  • Bij een fusie-instroom van 50 procent of meer ontvangt het schoolbestuur een bijzondere bekostiging van 6 jaar 100 procent compensatie van teruggang in personele bekostiging. Leerlingen die uitstromen naar het voortgezet onderwijs worden niet meegerekend. Dit geldt in ieder geval voor fusies tot en met 2019. Daarna geldt een geleidelijke afbouw.
  • De wettelijke term ‘samenvoeging van scholen’ uit de WPO en WEC is nader gedefinieerd. Het schoolbestuur ontvangt bij een substantiële fusie-instroom ook de wettelijke extra bijzondere bekostiging bij samenvoeging. Dit bestaat uit de optelling van de leerlingen 1-10-t-1 in het eerste schooljaar na de fusie en de laatste vijf maanden MI van de opgeheven school tot en met 31 december.
  • Het schoolbestuur ontvangt bij een fusie van scholen waarbij minder dan 50 procent, maar ten minste 25 procent, van de leerlingen van groep 1-7 van de opgeheven school instroomt in de overblijvende school bijzondere bekostiging:
    - in het eerste jaar na de fusie 100 procent compensatie van de teruggang in personele bekostiging,
    - in de jaren daarna is de compensatie achtereenvolgens 80, 60, 40 en 20 procent.
  • Bij fusie waarbij één of meer kleine of zeer kleine basisscholen zonder een volledige leerlingenpopulatie in het jaar voorafgaand aan de fusie zijn betrokken, wordt de compensatie gebaseerd op een eerder schooljaar waarin nog wel sprake was van een volledige leerlingenpopulatie. Een kleine of zeer kleine basisschool met een complete leerlingenpopulatie is in dit geval een school met minder dan 145 leerlingen waar ten minste 6 van de 8 leeftijdscohorten 4 tot en met 11 jaar aanwezig zijn.
  • Onder bepaalde voorwaarden ontvangt het bestuur bij vrijwillige opheffing van basisscholen bijzondere bekostiging in het jaar na opheffing: de leerlingafhankelijke personele bekostiging die de school zou hebben ontvangen in het jaar na opheffing als deze niet was opgeheven en de resterende vijf maanden van het kalenderjaar materiële bekostiging. Dit geldt ook bij een fusie waarbij minder dan 50 procent van de leerlingen uit groep 1-7 van de opgeheven basisschool zijn ingeschreven op de fusieschool. De belangrijkste voorwaarden:
    - De opgeheven school is geen zogenoemde ‘éénpitter.’
    - De opgeheven school bevindt zich niet onder de opheffingsnorm.

Wat moet u doen?

  • Stuur het BRIN-mutatieformulier naar DUO.

    Besturen beschikken over een BRIN-mutatieformulier. Lees de informatie op ‘Instellingsgegevens wijzigen’ of vraag het formulier per e-mail op bij briweb@duo.nl.